Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eenige uitvoerigheid daarover is niet misplaatst, omdat het hier betreft de grondslagen van het nieuw herstelde Rijk en dat min of meer ingrijpend is, ook voor den tegenwoordigen rijd. „La Hollande, placée sous la souverainité de la Maison „d'Orange, recevra un accroissement de territoire". Zoo luidde art. 6 van den vrede van Parijs. (30 Mei 1814).

De vraag, waarin dat ,.accroissement" zou bestaan, raakte ook Pruisen. België zou aan de oude Republiek worden toegevoegd — uitbreiding van gebied op den linker-Rijnoever werd in het uitzicht gesteld. En wel de linker-Rijnoever tot Aken, Gulik en Keulen. Pruisen had zelf het oog op den linker-Rijnoever geslagen. De regeling in 1815 ten slotte, deed Willem I afzien van dien oever. Met België, Luxemburg als groothertogdom èn deel van den Duitschen Bond met Duitsch bezettingsrecht in de hoofdstad en een smalle strook aan weerszijden van de Maas ter verbinding van Staats-Limburg tot de Provincie Limburg vergenoegde hij zich.

Er was toen nog sprake geweest van aansluiting der Nederlanders bij den Duitschen Bond als achtste of „Bourgondische kreits" of als nauw verbonden grensland. Sommige ,,alldeutsche Vaderlanders" als Arndt en von Gagern juichten dat denkbeeld niet alleen toe. Ook de Pruisische Kanselier Hardenberg, Fagel e.a. beschouwden het als een maatregel die voor de veiligheid der Nederlanden wenschelijk was. De Souvereine Vorst en Engeland waren er tegen.

Vooral Engeland zag niet gaarne zijn nieuw geschapen rijk op het vasteland — zijn ,>Sentinelle" — al te afhankelijk van Duitschland. Ook Oostenrijk was er tegen gekant. Een opmerkenswaardig feit daarbij is, dat bij die regeling van de Nederlandsche Zaken, waarbij Engeland's doel bereikt werd — in Duitschland eene meening post vatte om uit strategische redenen een deel der Nederlanden te bezetten. Het plan daartoe is toen niet doorgegaan.

De Souvereine Vorst was niet bizonder Pruisisch gezind. Dat bleek uit het feit dat hij in Februari 1815 toetrad tot het geheim verbond tusschen Frankrijk, Engeland en Rusland om desnoods met de wapens de eischen van

Sluiten