Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenige eeuwen door Frankrijk beschouwd werd, Fransch te zijn. En het was Ollivier die, in een op 1 October 1870 aan den Koning van Pruisen geschreven brief, waarschuwde tegen gebiedsannexatie: . . . Soyez-en sur il (Dieu) punira votre peuple et votre race si, gonflé par la victoire, vous arrachez violemment a la patrie francaise des populations qui y tiennent par leurs entrailles". (Revue des Deux Mondes 1914, 15 Juin, pag. 270/71). En wij zien, thans de teruggave dier provinciën een der eischen van de Entente.

Als een vulkaan was binnen zes jaren het vereenigd Duitsche Rijk — feitelijk tegenover het buitenland het tot het Duitsche Rijk uitgedijde Pruisen — te midden van de Europeesche Mogendheden verschenen. En het zou tien jaren lang over Europa eene hegemonie uitoefenen.

Was Pruisen al machtig op zich zelf — hoeveel te meer was het dat niet toen het Duitschland werd. Vóór dat het dat werd, had het kleine Denemarken (1864), had Hannover (1866) reeds ervaren dat de te Berlijn zetelende wil zich door geen liefde voor kleine Staten zou laten terughouden van zijn belang. Als dat belang vernietiging of verdeemoediging van kleine Staten vorderde.

Was — voor zoover Nederland er na 1840 nog een buitenlandsche staatkunde op na hield — vrees voor Frankrijk eigenlijk het gegeven, waarmede het werkte; die vrees was vooral tegenover Napoleon III groot — ondanks de sympathie door onze Koningin Sophie hem betoond! Toch was men reeds sinds 1864 ook tegenover Duitschland niet gerust. Al waren er ook geen officiciëele teekenen dat het nieuwe Duitsche Rijk de historische rechten van het oude, lang verdwenen Rijk, zou doen gelden. Aan niet-officiëele aanwijzingen was minder gebrek.

Wat schreef von Treitschke in „Politik" (1870):

„Het is een onontkomelijke plicht van de Duitsche Staatkunde, de monden van den koning der rivieren, de onuitputtelijke waardebron voor Duitschland, den Rijn, te her„ winnen. Misschien is een zuiver staatkundige verbinding „met Holland niet noodig; maar een economisch verbond 335

Sluiten