Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

waren die cijfers 3 millioen en ruim 16 millioen; in 1900 ruim 15 en 27. Het optreden der Europeesche mogendheden in China in 1897 en 1898 trok daarom ten zeerste de aandacht der Unie. Het liefst hadden de V. S. toen China's belangen blijven bewaken. Maar dat bleek niet doenlijk. Te trachten ook een stuk van den Chineeschen grond in „erfpacht" te krijgen? Daartegen zou zich toen in Amerika de openbare meening sterk verzet hebben. Bovendien — al ware dat niet het geval geweest: de beste stukken waren toch al weg. Het eenige wat te doen viel was te zorgen, dat de Amerikaansche handel op gelijken voet als die van de andere mogendheden zou worden behandeld. In de taal van Engeland dus: te zorgen, dat de politiek van „de open deur" gehandhaafd bleef. Dat was misschien wel eenigszins in strijd met de economische beginselen door de V. S. in eigen land — waar het Mac Kinley-tarief zoo juist verscherpt was door het Dingley-tarief voorgestaan — doch het zijn in de politiek niet de beginselen, maar de belangen, die regeeren. In 1899 kreeg, met medewerking van Engeland, dat niet durfde weigeren, die zaak haar beslag.

De V. S. hadden toen juist hun eersten greep naar Azië gedaan, door het bezetten van de Philippijnen. Halverwege lagen de Hawaï- of Sandwichseilanden. Het eerste gewapend optreden van de V. S. in Azië was „de concert" met de andere mogendheden, bij gelegenheid van de Boxer-beweging (1900).

De machten, met wie de V. S. de worsteling om de heerschappij over den Stillen Oceaan als de rijd vervuld is, zullen moeten aangaan, groeien in Azië of hebben daar een belangrijk bezit. Rusland, China, Japan, Engeland, Frankrijk, Nederland zijn daar aan de Oostkust op het vasteland of op de eilandengroepen soeverein. De V. S. bezitten slechts de Filippijnen. (Spanje werd in 1898, Duitschland in 1914 uitgeschakeld. De vraag of Russische invloed geheel zal worden vernietigd, kan nog niet beantwoord worden).

De meest te duchten tegenstander is, wat de Aziatische

Sluiten