Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tenwAap. Sedert 1641' was de vermaarde TORRïCELLl, de uitvinder van den barometer, zijn leerling.

Te Bologna schitterden twee wiskundigen van naam, Ricci et Montalbani; (de Jesuiet Riccioli, de schrijver van het Alma gestum; Pater grimaldi, ook Jesuiet, die de breking van de lichtstralen ontdekte; cassini, die Rome had verlaten en later tot sieraad van bet observatorium van Parijs zoude strekken: Castelli, Davisi en een menigte van andere geleerden, die onderzoekingen instelden. In diezelfde stad gaf mezzavacca zijn Astronomische Bladen en zijn studiën over de verdwenen sterren uit. \

Te Rome ontdekte cassini de wachters van Satumus, Magalotti bestudeerde de kometen en Pater Plati deed zijh merkwaardige waarnemingen over de zonseclipsen. De Pater KiRcher, Fabri en Gottignies voerden den roem van het Romeinsche college hoog op. Campani en Divini maakten teles-. coopen, vermaard over de geheele wereld; CaSSINI gebruikte ze voor zijn ontdekkingen. Op de Academie der Lincei, die zich voor wetenschap en godsdienst zoo verd':rrstelijk had gemaakt, de physico-mathematische Academie van ClAMPINI, de veel beroemdere Academie van Koningin Christina en die van de „Nieuwsgierigen naar de Natuur".2)

Deze lijst van wetenschappelijke studiën en ondernemingen en van geleerden, die na de veroordeeling van galilei de Christenheid tot sieraad strekten, zoude nog heel wat uitgebreid kunnen worden.3) De zoo hoog opgevijzelde vijandigheid der Kerk tegen de wetenschap blijkt wel een bakersprookje te zijn. Al deze geleerden studeeren, werken, onderzoeken, schrijven, pubüceeren, docteeren naar hartelust, vrij en ongehinderd, onder den rook van Rome, te Rome zelf; maar de Kerk houdt hen niet tegen, de Kerk legt hun niets in den weg. Dezelfde Romeinsche rechters, welke galilei veroordeelden, laten hun vrij spel bij hun wetenschappelijke navoxschjingen en proeven.

X1; E. Vacandard, 1. c. p. 377.

(2) Jaugey, Le procis de O ililée et fa théologie, a. 111-113

(3) Zie over de ontwikkeling der wetenschap in dit tijdperk : Grisar, Caiileistudtën, p. 337—3$6» — H, de 1'Epinois, La amsiion ae QdUtlet 1878, p. 272—390.

Sluiten