Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat het 't eenige is, wat ze nog in de wereld kan doen, een beetje hartelijk en vriendelijk zijn voor de menschen.

Als zij de twee jonge menschen het hek ziet uitgaan, is er een warm, blij gevoel in haar hart. Als God haar dat nog eens deed beleven, dat haar kind zoo'n goeden man kreeg. Want hij was toch maar een heel bijzonder mensch, die jonge dokter. Waar zou je iemand vinden, die zoo trouw was in zijn werk, zoo vol idealen voor de toekomst, zoo geduldig, zelfs -met de allerarmsten ? En hoe vroom en onbedorven was hij, en dan iemand met zooveel gaven, met een goeden naam en niet geheel onbemiddeld, wat kon je, als moeder, beters voor je dochter verlangen? Of hij van Ilse hield? Wie zou het zeggen? Als hij kwam, praatte hij meestal met haar zelf, maar dat was misschien wel haar eigen schuld; omdat ze zooveel thuis zat, vond ze het zoo prettig, met de menschen te praten. Ze zou echter voortaan verstandiger zijn en Ilse wat meer aan het woord laten. Want men moest Ilse kennen,

om van haar te houden. Ilse had het karakter van haar vader,

een prachtkarakter, maar je moest hem in zijn dagelijksche

leven gadeslaan, om te weten hoe goed, hoe trouw en hoe edel hij was. Zoo was Ilse ook, ze leefde voor andere menschen, ze dacht nooit aan zichzelf. Ze was toch een knap meisje met haar lief, frisch gezicht en dan dat blonde haar ! Dat had ze ook van de Steenbergens. In haar eigen familie waren ze allen donker, met donkere oogen. Er was toch wel iets, dat Ilse ontbrak, als ze haar vergeleek met andere jónge menschen. Ilse was wat verlegen en kleurde altijd en ja, ze wist eigenlijk niet wat het was, maar als ze aan haar eigen jongemeisjestijd dacht, hoe geheel anders was ze zelf toen geweest. Ze hadden Ilse toch gegeven wat haar toekwam, ze was op kostschool geweest, maar even eenzelvig teruggekomen als ze erheen gegaan was, met dezelfde groote liefde voor bloemen en planten als voorheen. Er kwam wel eens

Sluiten