Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

er nog met het kind gebeurd was! En dat je haar dadelijk herkende. Hoe is 't mogelijk, zoo dikwijls kom je toch niet op „Welgelegen."

De dokter was de eenige die was blijven staan; gejaagd haalde hij een paar keer zijn horloge uit den zak.

„Kom dokter," — noodigde hem mevrouw Steenbergen uit — „ga nu weer rustig zitten, U hebt zooeven nog verteld, dat U zoo moe was, en dat U zoo'n drukken dag hebt gehad."

De dokter keek echter besluiteloos van den een naar den ander, en in Ilse's hart bonsde het snel en onregelmatig. „Ik ben zoo bang, dat er op Welgelegen groote onrusl heerscht. Het is geen kleinigheid voor eene inrichting als een meisje, dat aan haar zorgen is toevertrouwd, zoo maar wegloopt, men draagt toch de verantwoordelijkheid!"

„Ik zal Soeurette dadelijk een boodschap zenden", — zeide Ilse kortaf, het woord inrichting negeerende. — „De jongen van den tuinman zal wel even willen gaan."

„Ik zal maar zelf gaan," antwoordde de dokter, haar vast in de oogen ziende „ik geloof dat het beter is, ik kan dus zeggen dat het meisje vannacht hier mag blijven ?"

Ilse antwoordde niet, ze had een prop in de keel en stond op 't punt, in tranen uit te barsten.

„Zeker 1" — zeide mevrouw Steenbergen nu — „'t Is jammer dat U er nu niet in wilt berusten, dat we dien jongen zenden, die rijdt misschien nog wel sneller dan U.

De dokter reikte haar slechts tot antwoord de hand en in een paar seconden was hij de deur uit.

Ilse ging mee, om hem uit te laten. Terwijl hij zijn hoed zocht, mompelde hij iets van altijd je plicht doen. Heel bits zeide Ilse toen, dat sommige menschen een genoegen plichtnoemden.

Verwonderd keek hij haar aan, heel verwonderd, met een blik alsof hij haar nog nooit had gezien. Ze stond onder de

Sluiten