Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vergelijkt. Wij willen aanstonds opmerken, dat men tot deze vergelijking nog geen recht heeft indien men enkele dezer liederen kan aanwijzen, of passages in sommige dezer liederen, die aan de Psalmen herinneren, maar alleen dan, wanneer het geheel dezer religieuze poëzie op hetzelfde geestelijke niveau staat als de Psalmen. Dat echter dit laatste het geval zeker niet is, blijkt uit de volgende overwegingen. In de eerste plaats staat de religieuze poëzie zoowel der Egyptenaren als der Babyloniërs geheel op het standpunt van het polytheïsme. Eene enkele uitzondering maakt misschien de beroemde zonne-hymne van Choen-Aton, die gaarne met Psalm 104 vergeleken wordt. Men herinnere zich evenwel wat we boven van het monotheïsme van dezen wijsgeer op •den troon der Pharao's hebben opgemerkt. In de tweede plaats is het duidelijk dat met name de religieuze poëzie in Babel, die wij het best kennen, een formalistisch en ritueel karakter draagt. Zeer vele der ons bewaard gebleven liederen zijn passe-partouts, waarin ruimte is opengelaten voor den gebruiker om zijn naam in te vullen. Talrijke andere zijn klaarblijkelijk niets anders dan min of meer uitgebreide tooverformules, door wier herhaalde recitatie men hoopt zijn wenschen vervuld te zien. En opvallend is, zelfs in de beste voortbrengselen dezer poëzie, de gestadige herhaling van gelijke en gelijksoortige frasen, die aan het geheel een formalistisch aanzien geven. Eindelijk, ook zelfs waar men in -deze liederen meermalen een klagen over de zonde beluistert, dat aan de klanken der boetvaardigheid in sommige boetpsalmen herinnert, leert nader onderzoek dat het hier meer het physisch dan het ethisch kwaad is dat drukt; het is te doen om afwending van rampen, niet om vrede voor het hart. Bovendien bestaat deze zonde meestentijds meer in eene veronachtzaming van ritueele voorschriften dan in de overtreding van zedelijke normen. Al mogen er dus enkele klanken ook uit Egypte of Babel kunnen worden opgevangen die spreken van den drang naar aanbidding of van de behoefte ■aan verzoening in het menschelijk hart, die krachtens de gemeene genade Gods blijven doorwerken, toch kan niet gezegd dat de religieuze poëzie dezer volken als geheel het peil bereikt waarop de Psalmen staan; en er is dan ook -geen enkele reden aan deze poëzie te ontleenen, waarom niet de bizondere inwerking van Gods Geest in de Psalmen

Sluiten