Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

n.

München, 5 Aug.

Duitschland heeft Frankrijk den oorlog verklaard (3 Aug.).

Ook wie niet meer dan „nutteloos toeschouwer* is bij den «Wereldbrand*, mag ontsteld staan bij deze yreeselijke kraters van volkerenpassie, die uitbarstten in cataclysmen rondom hem heen.

Wat doet het bijna vreemd aan, dat ik in deze dagen leef als ik de vorige dagen leefde, dat er in mijn leven nauwelijks iets veranderd schijnt...

Is het mijn, mijzelve tot nog toe onbekende, Hollandsche flegma, dat mij niet in paniek de Bank doet bestormen en een trein doet nemen naar Holland? Naar het Vaderland, waar het in deze vreeselijke tijden toch het besté zal zijn, zelfs voor den zelfbanneling? En ik neem niet den trein en ik bestorm zelfs de Bank niet... k

De werelddingen zijn óf heel groot, óf heel klein, van het standpunt af, waarvan men ze, nutteloos, beschouwt.

Klim ik mijn ivoren toren op en beschouw ik van tusschen de sterren, die zomerhel fonkelen rondom mijn hoogmoed heen, dezen strijd, die begonnen is met wisseling van telegrammen tusschen gekroonde hoofden, met misverstanden, oneenighèden, verbitteringen, nijd, met een niet meer onder diplomatie te verbergen woedenden greep naar de suprematie van de Wereldmacht, dan zie ik die werelddingen klein, nietig, onverstandig, wreed, barbaarsch en slecht: een soort van minachting voor de Menschheid, vermengd met wanhoop aan de Menschheid, vervult mijn hoogmoedig hart: het lijkt mij ongelooflijk toe, dat eeuwen die Menschheid niéts hebben geleerd, dat zij geen pas

Sluiten