Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kennen. Ik wil niet, dat de, om mij heen ruischende, Historie mij met een plooi van hare zware wade of een tik van haar vleugel weg veegt. Ik ben nu op de hoogte van den aanvang des Oorlogs. Ten minste, in het Oosten. Op het Oostelijke «schaakbord* als de Italiaansche couranten zoo aardig zeggen. De Oorlóg, dat zijnv maar enkele «schaakborden", Oostelijke en Westelijke...

Onderwijl loop ik op straat, als ik niet thuis zit. Het is een nerveuze, ziekelijke toestand. De eerste telegrammen hebeteeren mij, zelfs nadat ik de vlaggetjes geplant heb op mijne kaarten. Ik lees ze over en over, de zelfde telegrammen, op alle hoeken der straten. Omdat een oorlogstelegram héél moeilijk te lezen is. Er staat veel tusschen de regels verborgen. Er staat het eigenlijke tusschen de regels verborgen. Men moet een oorlogstelegram leéren lezen, en dan de Waarheid opbouwen uit wat men tusschen de kabalistische regels las...

Met dat al schijnt het leven onzeker... Sedert Fransche vliegeniers over Nürnberg hebben gevlogen, kijken wij telkens naar de lucht om vijandige aëroplanen te ontdekken. Dat wordt eigenlijk een zoete manie, want stil in mij ben ik overtuigd — ik weet niet waarom — dat geèn vijandige aëroplanen over München zullen vliegen. Men heeft soms zulke niet te analyzeeren zekerheden in zich. Maar schijnt de hemel boven ons ook veilig, van slechts vreedzaam drijvende zomerwolken, het aspect der stad om ons is reeds veranderd. De lichte Germaansche oogen spieden uit naar spionnen. Men zegt, dat de stad er van wemelt. Wij worden ook telkens gevolgd door «polizisten* met hooge hoeden. Als ze mij erg vervelen, spreek ik ze het eerste aan, toon mijn papieren en zeg: ik ben die en die... Zij zijn dan heel beleefd en bieden zelfs verontschuldigingen aan.

Telkens gaan detachementen soldaten in veldtenue

Sluiten