Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De jongen bracht het water.

— Hier is het water, zei van Vliet, drinkt u dat nou maar gauw op.

— Dat sal me goed doen, wat maakt dat heete land je dorstig, hè?

Juffrouw van der Kooy wilde snel drinken maar trok dan haastig het glas bij haar mond weg.

— Au, me gebit, der zit wat in ... schrok ze, terwijl ze een straal water in het glas terugspoog.

— Dat is ijs, zei mevrouw, gebruikt u geen ijs?

— Nee, waarfoor ? O, ja, asse we ziek benne, in een blaas, om op je buik te legge ... Seg, wat doet dat een pijn in me holle kies. Hebt u ook soo'n last fan uw kiese, mevrouw ?

Mevrouw zei, dat ze heelemaal geen last van haar kiezen had, en keek eens naar Van Vliet, hoopte, dat die wat zeggen zou over een spoediger vertrek. Van Vliet zei nog niets, hij zocht een aanleiding.

Juffrouw van der Kooy, die de stilte opmerkte, schreef die nog toe aan zijn boosheid over de Hegpartij van zooeven, ze zei dan ook vergoelijkend :

— Ja, achteraf heb ik er nou spijt fan ... maar stel je in mijn plaas! En ik docht, misschien doene se dat allemaal soo in Indie... Engels prate, zie je ... en zoo deftig!

— Zoo dacht u dat, meende van Vliet... drinkt u dat water nou maar gauw op en gaat u dan maar gerust naar Tramsicht, als u hier niet wilt blijve! Ik kan het u aanbevelen, het is er veel

Sluiten