Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ja," zei ze. „Bij van Woerden wel!"

„Die heeft zoo'n mooie uniform, wat?"

„Je weet wel, dat dat onzin is. Ik heb net als jij, misschien nog een beetje meer, het land aan beroepsofficieren; van Woerden is vóór alle dingen medicus...."

„En dichter!!"

„Ook al. Ja."

„Nu, je gaat je gang maar, hoor!"

Hij nam nog een bonbon uit een schaaltje op het buffet... Zóó kon hij Magda in den spiegel zien... zei dan stroef: „Nou, atjuus — tot vanavond."

„Tot vanavond," zei ze vroolijk.

Ze nam zijn bordje en kopje weg en zette er een schoon, neer voor van Woerden.

Even later kwam deze. Ze hoorde zijn stap in de gang en haar hart klopte tot in haar keel.

„Goedenmorgen, Mevrouw!" zei zijndiepestem en met hem kwam er in de kamer iets ongekends genoegelijks. „Goemorgen."

Hij keek haar recht in de oogen. „De Zomer En dat, nu de sneeuw nog niet weg is..."

Ze bloosde niet. Ze bloosde nooit. Maar ze glimlachte. t>

„Komt u hier zitten! Mijn man is al weg.

„Zoo, is Chris al weg? En de dames?"

„Die komen pas over een goed uur!'

Sluiten