Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

REMBRANDT

Rembrandt heeft niet stil gezeten, Stuk na stuk heeft hij gewrocht, Telkens hoort men weer van werken, Door professors opgezocht. Maar als Rembrandt nu nog leefde, Keèk hij deze heeren an, En dan vroeg hij hoe een doode, Nog zoo'n massa schildren kan. Weer is er een opgeduikeld, Op een zolder, hier of daar, Hoeveel duizend meesterstukken, Zijn er nu al 'bij elkaar? Als hij al die doeken maakte, Zooals van hem wordt beweerd, Heeft hij, om 't bij te houden, Zeker nacht en dag gesmeerd. Als we voortgaan met ontdekken, Van dien wonderlijken vent, Krijgt men in 't jaar tweeduizend, Rembrandt bij de worst present. Heel zijn lange, arme leven, Is hij schraal bij kas geweest, MiUioenair kon hij niet worden, Daarvoor had hij te veel geest. Maar wanneer hij nu eens hoorde, Wat er voor hem werd gedaan, Was hij in een jaar owejer, En nu niet failliet gegaan.

Sluiten