Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Jammer, dat ik alles niet kan voorlezen... en hij keek tegelijk naar den kant, waar de meisjes zaten. Ze begrepen nog beter. Of ze grinnekend en plagerig lachend ze aanzagen! Daar waren er bij, die begonnen te klagen en enkelen, die boos keken.

Wat voelden zij zich nu groot! Ze mochten er dus eigenlijk meer van weten. Ze staken de koppen bij mekaar, kochten met een clubje het boek, waarvan hij den titel gehoord had in een vertrouwelijk praatje met den leeraar.

Samen lazen ze 't op een Woensdagmiddag, buiten de stad liggend onder de boomen. Met glazig-glanzende oogen lagen ze rondom den lezer te droomen, ver over het boek heen, trachtend te verbeelden wat ze hoorden. Ze praatten er over, lachten er mee. Later werd er fluisterend over gegekt onder ingewijden en gaven ze het ook aan enkele anderen: «gunst, nou, zoo'n jochies waren ze toch ook niet meer. Ze wisten het toch al lang!"

Banaal, zoo'n geschiedenis:

Zijn vader sloeg op een keer dat boek uit zijn handen, toen hij de mooiste bladzijden voor zich zelf nog eens overlas en met een kleur op zijn gezicht gebogen zat over de tafel.

— Wilt ge voor wat mooie taal je ziel vergooien?.... Voor dat onzinnige boek, dat ge nog niet begrijpt, en waarvan ge de domheid nog niet inziet, omdat ge te weinig kent van de wereld, en dat je totaal ongelukkig zou maken!... Hoe kom je daar aan?... En toen hij loog: geleend!...maak dat ge 't terugbrengt, vandaag nog. Later, als ge vast op

Sluiten