Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die rood-beschreide, die brandend-drooge oogen deed opzien, herhaaldelijk, en als zwijgend en verwijtend vragen, waarom ze den tijd zoo' lang vast hield! Daar was ook gelachen en gezongen bij dag en bij avond, en ze had zich voor die gelukkigen teruggetrokken, was zoo bescheiden en stil haar weg gegaan, als een oude, heel trouwe en zeer eenvoudige dienstbode, die innerlijk een huiselijk feestje meer meeviert dan de grooten, die ze als kinderen nog heeft gekend en verwend. En was op zulke tijden haar stem plotseling opgemerkt geworden, dan lachten ze en vonden 't feest nog gezelliger en genoten nog van het genotene, omdat het zoo heerlijk-gauw was gegaan, dat ze den tijd vergaten. Haar stem was die van een oude, goede vertrouwde bekende in huis, van een, die meelacht en meeschreit en alles in kiesche bescheidenheid verzwijgt, die op de intiemste oogenblikken van t leven weet te vertellen uit vroegere dagen. Want een stem hebben de klokken en oude klokken zoo'n prettig geluid. In stille oogenblikken van herinnering met de zoete schemering om je heen, in slapelooze nachten, als gedachten van verleden vreugden en voorbije smarten weer het vorige leven in de verbeelding terugroepen, dan begint haar zachte, haar geheime, haar kalme stem het oude verhaal. Het lijkt wel een getemperd spreken, een fluisteren bijna van een bedaard en wijs persoon, van een goede moeder zou ik zeggen, een door lijden en tijden gelouterd en verinnerlijkt wezen, dat de gewijde rust van overgave aan God met zich draagt door het leven. Maar

Sluiten