Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van schrik, terugliep en ze met een ruk dicht trok, zoodat ze sloeg in 't slot.

't Was donker in de smalle gang, die uitliep in de kathedraal. Hij voelde hoe vochtig de muren waren. . . Haastig liep hij door, opende de zware eikenhouten deur.

De kathedraal, daar kon hij dwalen, blijven tot den morgen. Die 't eerste kwamen konden niet anders denken als dat hij vroeg al, wie weet, heel den nacht, daar had gelegen in gebed, misschien in boete.

Een zwakke lichtglans lag als een nevelige klaarheid in de wijde, duistere ruimte, een bewegelijke gloed weifelde op den vloer. Zou hij knielen ? Zoo koel was zijn geloof geworden na die daad, maar leefde nog. Daar was zijn God! ā€˛Gevloekt I" bonsde 't in zijn hoofd of een forschere golf van hartebloed omhoog joeg. De oogen omlaag, het hoofd gebogen, knielde hij haastig en vluchtte in de donkerte der zijbeuken. De kolommen van slanke pilaren stonden naasteen als sterke steunsels, uit duisternis tot halver hoogte rijzend en dragend daar een zwarten, ondoordringbaren hemel. Een enkel, laag-staand beeld bemerkte hij: de plooien van het kleed in effen, rustigen val, doch de handen omschemerd, het gelaat verborgen. Alleen, alleen was hij in die rijkbewoonde kathedraal ! Alleen midden in de tallooze heiligen! Hij stiet zich tegen den hoek van een bank, voelde en betastte een grijnzenden dreigenden leeuwenmuil. Verder en verder haastte hij zich naar achter, waar hij 't zware ijzeren hek der Lieve Vrouwe-kapel gesloten vond.

Sluiten