Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mond lag een trek van vastberadenheid, nog versterkt door de ietwat breede kin en de fierheid waarmede de hals het hoofd droeg.

Even trok een glimlach om hare lippen, verheuging om den zonnestraal en met snel gebaar doofde zij de kaarsen op de kandelaars vóór haar. Een oogenblik bleef zij verwonderd om zich heen zien; de kamer scheen plotseling veranderd, vreemd nuchter in het blanke, koude winterlicht. Het verguldsel, sober aangebracht op de lichte meubels en langs het rooskleurige behangsel, verloor zijn blinking, verstilde tot dof geel en de Friesche klok tusschen de ramen school weg in duister; de beide groote portretten, die de paneelen naast den schoorsteen vulden, daarentegen, traden scherper naar voren.

Het waren op levensgrootte geschilderde mansportretten in de zwierige kleedij van edellieden, doch in het zwierige was iets bewaard van rustige deftigheid en Hollandsche degelijkheid. Beiden droegen een enkelen zwaar gouden horlogeketting en een diamanten speld op de jabot van kostbare kant; hij, die de oudste scheen, zorgelijk van trekken, droeg aan zijn

Sluiten