Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Zuid-Beveland, als wel aan gansch andere redenen.

Allereerst heeft Rotterdam in deze een natuurlijken historischen voorsprong; het verkeer van Nederland op den Rijn is van veel ouderen datum. Als gevolg daarvan is ook de Nederlandsche Rijnvloot veel grooter. Toch is ook die van Antwerpen sterk toenemende. Reeds het Verslag over 1907 van de Kamer van Koophandel constateert „1'accroissement considérable et constant de la flotte du Rhin, dans laquelle les bateaux de nationalité beige prennent une place trés respectable."

Het Verslag geeft voor dat jaar op 1330 Belgische tegen 2411 Duitsche en 3908 Nederlandsche Rijnschepen.

Maar vooral staat Antwerpen bij Rotterdam achter in de outillage van zijn haven voor het Rijnverkeer. Afgezien daarvan dat de gemakkelijkheid van overlading op stroom uit zeeschip in binnenschip en omgekeerd Rotterdam een prae geeft boven Antwerpen, is ook de laatste haven — en dat was haar eigen schuld — verre achtergebleven in de vergemakkelijking van uitlading met name van granen en ertsen.

Ih 1908 had Rotterdam reeds 6 graan-elevators aan het werk, in 1912 was dit aantal geklommen tot 24. Antwerpen besloot — en dan nog zeer aarzelend, gelijk uit de publicaties van de Kamer van Koophandel blijkt — eerst veel later tot deze moderne, onmisbare haven-hulpmiddelen. In 1911 waren er 2, en dan nog maar zeer gebrekkig, aan het werk, in 1914 waren het er 6 van de 12, waartoe men besloten had. Voorwaar, een achterstand van beteekenis.

Zoo maakt Rotterdam ook gebruik van ertsgrijpkra'nen, waarvan Antwerpen er in 1914 nog geen rijk was.

Het spreekt van zelf dat onder die omstandigheden, die van.zooveel grooter invloed zijn dan de betrekkelijk kleine moeilijkheden en meerdere kosten van een langere vaart per binnenschip, Rotterdam de doorvoerhaven voor

Sluiten