Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

één ding stond vast: Bob Waters, de minnaar van Emily, was de zoo lang vermiste zoon van den graaf.

Wilton, de Haai, besloot zoo spoedig mogelijk van zijn ontdekking gebruik te maken en Dubois er mede in kennis te stellen, dat hij diens zoon zoo onverwacht teruggevonden had. Natuurlijk hoopte hij op de groote geldelijke belooning die Dubois of liever de Montlévin hem beloofd had voor het geval de Haai hem bericht zou brengen omtrent het in leven of gestorven zijn van zijn zoon.

Met zekere voldoening had hij vernomen dat Emily's verloofde zoo goed als zeker aan zijn wonde sterven zou en hem, den Haai, niet meer bij de mooie dochter van Hawkins in den weg zou staan. Hij wist dat Dubois dien middag in Middelburg was en als Engelsehman kon het hem niet moeilijk vallen binnen die plaats, welke trouwens geen vesting was, te worden toegelaten; onmiddellijk begaf hij zich op weg naar de hoofdstad van Walcheren.

Toen de Haai een minuut of tien geloopen had kwam hij een Engelschen luitenant tegen met een onderofficier en een zestal manschappen benevens een troepje gevangen genomen Eranschen; deze, na de overgave nog in handen der Engelschen gevallen, werden nu achteraf gebracht.

De Haai groette den officier en wilde doorloopen, toen hij zich even later plotseling door een der Fransche militairen hoorde toeroepen: „Bonjour 1'ami, bonjour Perrin, comment ca va?"

Een doodelijke schrik beving den Haai bij die woorden; bevend van ontsteltenis bleef hij verbijsterd staan. Plotseling daagden allerlei beelden uit het verleden voor hem op, beelden die hem met ontzetting vervulden.

En weer hoorde hij zich in het Fransch toeroepen: „Blijf toch staan, Perrin, leelijke schurk, kom toch 's bij 'n ouwe vriend, Jean Darcin, je kent me toch wel!"

Maar de Haai dacht niet aan teruggaan .... Jean Darcin ... ja, hij herinnerde zich dien naam maar al te goed... hij versnelde juist zijn schreden, zoo goed zijn bevende lichaam het toeliet, toen hij zich, een paar seconden later, maar nu in goed Engelsch op bevelenden toon hoorde toeroepen: „Halt daar! Kom eens hier, vriend. En vlug hoor!" Het was de Engelsche luitenant, die dit bevel gaf.

Sluiten