Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II.

E middag vóór pakjes-avond kenmerkte zich door typische geheimzinnigheid; enkele deuren waren onherroepelijk gesloten, ineens werd er soms iets weggemoffeld, Bep uitte zich in

rijmelarij, Jos vroeg om draad, naald en vingerhoed. Met dit al was iets van de intieme gezelligheid van vroeger opgeleefd. Oom en tante de Wildt van de Plantage hadden ouder gewoonte hun komst aangemeld; Oom Theo Boogerd, Flip van Eek, één van Jos' vrienden, dito.

Pakken van allerlei grootte stonden opgestapeld in het salon, waar uit één lampje van de breede kristallen kroon licht viel, dit op aanraden van Jos, die verzekerde, „dat je er kans liep je hals te breken".

Bij het rammelend belgeklingel in de vestibule had Bep in herinnering gebracht den huiver van vroeger voor den dreigend-zwarten knecht, die stoep op, stoep af heette te gaan, met een zak voor „stoute kinderen," onder welke categorie zij zich altijd gerekend had. Het keerde Clémence's gedachten naar de Sint-Nicolaasavonden met Vader nog in den oud-Hollandschen leunstoel vóór den haard. Zijn gemis voelde ze plots zóó intens, dat het geen twijfel leed, of het plezier voor vanavond was verkeken.

2

Sluiten