Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op het Leidsche plein nam ze de trem; als ze zich haastte, kon ze Mama vóór de koffie nog van haar plannen vertellen, 't Zou moeite kosten haar er mee accoord te doen gaan ....

De vitrage van de voorkamer was opengeschoven. Toen ze de stoep opkwam, zag ze Bep voor het raam zitten, Mama bij de tafel. Ze tikte; Bep wees, dat ze zou opendoen.

Het vroor. Over het stille grachtwater was een vlies gespannen. Kwajongens hadden er een poedelhondje op neergelaten. Angstig en verdwaald tippelde het tusschen de hooge kaden. Als het maar niet wegzakte .... Gelukkig, ze haalden hem op .... ; wat spartelde zoo'n beest!...

„Hallo, juffrouw, zou je er niet inkomen ?"

„Was je d'r al?" Lachend stapte Clémence binnen.

„Goed je les gekend?" vroeg Bep sarcastisch (Lesnemen, als je bijna dertig was, vond ze gewoon-weg bespottelijk).

„Zéker," zei Clémence, verdere hatelijkheden ontwijkend. Ze ging achter Bep de voorkamer binnen, plofte haar muziektasch op tafel. „O Mama, stoot ik? 'k zag zoo gauw niet, dat u aan 't schrijven was."

Ze trok haar handschoenen uit, lei ze binnenste-buiten op haar mof, ging zich de handen warmen boven het vuur, dat woelig vlamde in den breeden haard. Toen ze in den spiegel keek, merkte, dat het haar omlaag zat gedrukt, kuifde ze het, met een paar stooten boven de ooren, weer op.

Niemand beweerde iets.

Sluiten