Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Leny had gedoeld. Ze had een voorgevoel, dat het Paul betrof. Het was maar een voorgevoel, doch die kwamen dikwijls wondergoed uit; ze had het meermalen ondervonden.

Ze moest zich „anstrengen", vooral door niets zich verraden.

Leny zag er vermoeid uit, was afgevallen ; in het verpleegsterslijfje, dat eerst onberispelijk had gesloten, vielen plooien.

„Het was zoon treurig sterfgeval," vertelde ze sfalweemoedig, „zoo in-treurig. De éénige dochter, en niemand die wilde gelooven, dat ze hard achteruit ging. 'k Had haar zoo graag beter gemaakt, heusch, ik had *n

paar jaar van m'n eigen leven er voor willen offeren

Je had haar moeten zien tusschen de lelies en witte chrysanten, een bruidje Bij geen enkele zieke heb ik

zóó mijn machteloosheid gevoeld.

Een windvlaag rukte aan de ruiten ; de baUetjes-franje van de lancaster gordijnen beefde. Leny staarde in herinnering voor zich uit. Toen ineens was het in haar stembuiging merkbaar, dat zij zich tegen haar zwaarmoedigheid verzette met een geweld, waarvoor Qémence verbaasd stond. „Kom, nu 't nieuws, dat ik je vertellen zou,

ons laatste familie-nieuws : Paul is verloofd! Wat

zèg je er van ?" Ze sloeg met de hand op Qémence s knie.

Sluiten