Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mama was in de voorkamer, ging van het ééne meubel naar het andere, verschoof vazen en portretlijsten, nam stof af met elegante streekjes. Of het zware hout kon breken.

„Zoo in de weer, Mama ? zal ik 't doen ?

„Merci Clémence Heb je gezorgd voor de planten?"

„Vanmorgen vroeg al Die plant in de gang haal

'k denkelijk niet op ; telkens vallen er bladeren af, 'k zal er tóch den tuinman eens over spreken.

„Doe dat. En, heb je bloemen voor de koffietafel ?"

„Die witjes heb ik afgesneden en in de kristallen vaasjes verdeeld, 'n takje groen er tusschen ; 't staat aardig." Qémence hoopte onwillekeurig, dat het Mama vriendelijk zou stemmen. „Hoe laat komt notaris Elman ?

„Tegen de koffie ; vanochtend is hij in „Frascati.""

Qémence bedacht, of het niet beter was voorloopig te zwijgen. Ze liep kans, dat notaris Elman direct in het vertrouwen werd genomen, hij buiten de stad kon rondbazuinen het dwaze nieuws, dat Qémence Boogerd Katholiek ging worden. „Ze is altijd excentriek geweest," zouden de menschen praten.

Uit de muurkast, waarvan de deur stutte tegen het buffet, nam ze een handwerkdoosje, ging zitten voor het raam. Schuine regenstralen priemden tegen de ruiten. Het zou boven inregenen ; de meiden vergaten meestal te sluiten.

In een wip was ze boven, gooide haastig de ramen dicht

Sluiten