Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Dan mag 'k u niet weerhouden. Maar, moet u per se direct na de koffie vertrekken?"

„Ziet u eens, 't is bijkans half twee ; mijn trein gaat twee-zooveel — ik moet 't nog precies nakijken. De treinenloop is met den tegenwoordigen kolennood heel wat ingekrompen ; veel keus is er niet .... Het is toch *n tijd, dien we meemaken, nietwaar ?" — Notaris Elman schudde het oude hoofd. „Wie had gedacht dat we zóóiets zouden beleven, een wereld-oorlog. Je dacht, daar stond onze twintigeeuwsche beschaving bovenuit.... En wat 'n oorlog bovendien, te denken, dat zelfs een kleine overwinning wordt bevochten ten koste van zóóveel menschenlevens, zoo'n massa kunstschatten en natuurschoon.

Qémence kon zich indenken, hoe een nobel mensch als notaris Elman er van gruwen moest, er onder leed.

Mevrouw Boogerd, die van de krant alleen advertenties, gemengde berichten en verslagen van nieuwe tooneelstukken las, zich om de politiek weinig bekommerde — ze was alleen lid van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht ; een vooruitstrevende vriendin had haar er toe overgehaald — was het een verademing, dat Jos zijn oordeel over de oorlogskansen der Entente en Centralen deed gelden, wat met een enkel „ja-ja" kon bevestigd worden.

„Ik denk wel eens" — notaris Elman hield de gerirnpelde hand tegen het voorhoofd — „van vrienden en kennissen, die vóór me zijn heengegaan : „gelukkig, dat jullie

Sluiten