Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haar nu troosten .... Voor mij zijt Gij zoo liefdevol geweest ; veel hebt Gij ontnomen, maar het dubbele weergegeven in de gave van U zelf. Wat rest haar, hoe moet ze het dragen, als niet Uw machtige arm haar steunt, als niet Uw liefde haar het gemis van het kindje zal vergoeden ....

Haar gedachten dwaalden af. Ze zag vóór zich het leege wiegje, de fijne kleertjes: het mutsje, waarin Bep de vuist had gestoken, de jurkjes, die ze had laten bewonderen één vinger door elk mouwtje ; de witte schoentjes, die ze had laten stappen over de tafel, de ponnetjes, waarin het kindje slapen zou.... Ze zag het doodkistje, dat zou worden gedragen over het besneeuwde pad, en waarvoor het ijzeren hek wijd zou opengaan .... Ze zag de strakke gordijnen achter de vele vensters van „Sunny Home...." Ze kón 't niet uithouden, ze moest naar Bep, ze moest haar gaan troosten. In Gódsnaam, ze zou het er op wagen, dat de deur gesloten bleef, dat André haar den toegang zou weigeren ....

Het was een vinnig-koude morgen, toen ze, schuw als een, die komt bedelen, den tuin doorkwam van „Sunny Home," haastig de ramen van de huiskamer voorbijsloop, en drukte op het knopje van de electrische bel. Aan het dienstmeisje, dat haar vreemd was, maakte ze zich bekend als de zuster van mevrouw, vroeg ze gejaagd, of ze mevrouw even mocht bezoeken.

Sluiten