Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Vrouwen worden eerst heldhaftig, als ze haar geloof of haar liefde moeten verdedigen. God zal ons deze Mis gunnen, Marten. De eerste weer na maanden. Daarbij onze Pinksteren huwelijksmis. Want die schoot er bij in Maandag, nu Willem Simonz eerst 's avonds op 't I,oo durfde komen.'..."

„Om 't huwelijk over te doen, dat we tegen wil en dank 's morgens door den Wachter Sions moesten laten voltrekken wilde 't wettig zijn.... Verfoeielijke dwangmaatregel...."

Heer Marten zwijgt dan in zwarte gedachten. Om de benauwde schaduw, die uitgaat van z'n vaders zwaartillendheid en verbittering, te verdrijven, begint Elbert luchtig over z'n reis en den ouden Daam, die z'n reisgezel en z'n lijfknecht m Leuven zal zijn, tot ze samen een geschikt landsman zullen vmden om hem te vervangen. „Dan komt hij terug met brieven en nieuws."

Vrouwe Anne maakt mee plannen. Maar na een wijle luisteren komt heer Marten weer met bezwaren.

„Daam moet met de koffers vooruit.... 'n anderen weg langs. Dat jullie elkaar in Brabant vinden.... in Den Bosch of elders. Na de kersversche maatregelen worden de plakkaten natuurlijk dubbel streng gehandhaafd.... 'n Staatsch onderdaan mag geen buitenlandsche katholieke school bezoeken. Zoolang je over de Staatsche wegen rijdt als student op weg

naar Leuven, loop je gevaar in gijzeling te worden gesteld

buit voor de boeten. Die komt hun te pas voor de oorlogsmillioenen!...."

„Daam dus vooruit, morgen tegen den avond," stemt Elbert in.

„Dan moeten we morgen na den noen verder voor je koffers zorgen," beraamt vrouwe Anne. „Er is nog veel te doen en te bespreken," knikt ze hem toe. Elbert weet, dat

Sluiten