Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij staat vóór den wagen, die bij de brug heeft stilgehouden reikt vrouwe Margriet en Anna de hand bij 't uitstijgen Hulp afwerend, is Sofie met een lichten sprong naast hem' gaat met heer Marten en de anderen reeds de brug op als z n stiefmoeder, langzaam opgerezen, met beide handen op z'n schouders steunend, moeilijk uitstijgt. „Laat me even rusten" zegt ze, en ontsteld ziet hij haar matte bleekheid en den pijntrek om haar mond. - ,,'t Is niets," stelt ze gerust, „Alles samen was te veel voor me, m'n hart verdroeg 't niet. Maar 't komt met wat rusten wel terecht." Ze neemt z'n arm en steunt moe Voet voor voet gaande voort. Aan de deur heeft vrouwe Margriet even omgezien, om te wuiven dat ze maar voorgaan ( De brug lijkt Elbert eindeloos. Telkens staan ze stil en t is of de donkere Cannenborg haar en hém met een geheimzinnige macht terugstuwt. Elbert voelt den angst als een zwaren druk tegen z'n borst.... hij zou willen roepen, willen omzien naar hulp, maar kan 't niet.... „Gaat het nog tot aan de bank? prevelt hij.... Ze komen in 't voorhuis, en zij zinkt er neer op de bank.

, "*k zal ze roepen." - „Blijf!" haar hoofd bonst neer tegen z n borst. Hij steunt haar in z'n armen. „Moeder" — Ta moeder"..... * '' ''

Eén oogenblik nog, en de last wordt zwaar en roerloos m z n armen, 't hoofd zinkt weg van z'n hart.

In ontzetting staat hij, 'n schreeuw stoot in hem op Heeft hij geroepen? Hij weet het niet.... Er is een woest geschal m z'n ooren

Nu onderscheidt hij stemmen.... Sofie, Anna.... Dood ? dood ?" schalt het in z'n ooren.

Heer. Marten komt, vrouwe Margriet.... ze nemen haar weg mt z n armen, leggen haar neer....

Sluiten