Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het vaandel uit over de glinsterende karahijnloopen en lansen der gelederen. Maar na een vendel piekenieren volgt reeds de eerste karos, waarin achter de opgeplooide rood damasten gordijn Elisabeth,de koningin van Bohemen, met twee van haar zoontjes. Dan de voorrijder, en met zes goudgetreste witte paarden bespannen, met hoogen bok en veel gouden spijkers en verguldsel, de stadhouderlijke karos, waarin de oudste van Amaha's hofdames met den doopehng op haar schoot; de jongste der Solmsche graven en een kleine Nassauer als pages op de bank vóór haar.

Na weer voetknechten, die met een stekelig sperenbosch den triomfwagen van Hollands hoop beschutten, volgen te voet in dichten drom, waardig in hun zwarte dracht, den stolpkraag boven de deftige lakensche mantels en breedgerand de vilthoeden: de Raadsheeren van den Hoogén Raad, de Gevolmachtigden der Algemeene Staten en van Holland, West-Friesland en Zeeland met de magistraat van Delft, Leiden en Amsterdam.

Een Engelsen heraut, op wiens purper-fluweelen hjfrok de wapens van Brittannië, Frankrijk, Schotland en Ierland zijn geborduurd, gaat de vreemde ambassadeurs vooraf, allen kavalieren.

Eindelijk de Stadhouder zelf, kantkraag en ponjetten over 't met goud geciseleerd kuras, den Kouseband vol goud en kostehjke diamanten onder de linkerknie en op de borst aan blauwzijden lint het ordeteeken van amethist met brillanten omzet. Z'n zachtmoedige blauwe oogen zien bhj op het juichend volk neer. Z'n rond blossig gezicht, jong door de blonde snorren en den puntbaard, straalt goedige vertrouwelijkheid uit. Naast hem Frederik van Bohemen, en achter hem Portugeesche, Duitsche en Fransche prinsen. Dan de kolonels,

Sluiten