Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

achtte tante 'n tocht er mee levensgevaarlijk. Voor het geopende portier en ten aanhooren van den gedienstigen chauffeur gaf dat even 'n pijnÜjk-belachelijke scène, waaraan Siegfried woedend 'n eind maakte door haar kort en goed onder den arm te nemen en haar tot instappen te dwingen. En met 'n gezicht, verwrongen van kwaadheid en vaal bleek, zooals Thilde hem nog nimmer had gezien, zette hij zich op het klapbankje tegenover haar.

„Hoor 'ns tante", begon hij met trillende stem, „als u van plan ben dergelijke achterlijke, kleinsteedsche allures aan te nemen, dan had ik oneindig veel kever gehad, dat u maar weg was gebleven. Ik dank voor bespottelijke scènes."

Maar tante Cato zette zich schrap.

„Op de eerste plaats begrijp ik 'n dergelijke verkwisting niet, we hadden...." begon ze.

Doch 'n plotse korte zwenking van de auto deed haar 'n schrik-gilletje slaken, waarin haar repliek verongelukte en van toen af zat ze met 'n vervaard gezicht, Thilde krampachtig en steun zoekend in den arm knijpend, sprakeloos door de voorruit te turen in stagen, ontzenuwenden angst, dat ze iederen voorbijganger zouden overrijden.

Maar ook toen ze in het rustige hotel met hun drieën aan de koffietafel zaten en de auto-emoties al weer lang waren vergeten, bleef tante moeilijk en kribbig, was ze wel echt de uit haar kalm sleurleventje gerukte, oudejonge-juffrouw, die alles verbaast en alles irriteert.

Het vergalde merkbaar Thildes genoegen en voor Siegfried was het de aankondiging van erger conflikten. Reeds was het duidelijk, dat tante volstrekt niet ingenomen was met de richting, die hij als componist was ingeslagen. Had ze misschien de critiek in de Tijd gelezen? Het was niet waarschijnlijk.

Sluiten