Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

groeping rond de tafeltjes, van uit de verte beloftevol wenkten, tuurde hij lang en onderzoekend binnen. Soms geloofde hij waarlijk Lilly onder de bezoekers te ontdekken, stond z'n hart van de hevige ontroering met 'n schok 'n moment stil, doch telkens bleek spoedig de vergissing, ijlde hij verder in 'n star, fanatiek vertrouwen, dat het toeval hem helpen zou.

Doch in al de bekende bars en cafés, waar hij gehoopt had haar te zullen vinden, was z'n zoeken vergeefsch. Wel trof hij sommige leden van de clubjes bohémiens, die er zaten te drinken en te zwetsen en hem aanriepen <— met hoongelach verbeeldde Siegfried Zich —- maar Lilly was niet onder hen en hij schrok terug voorde grievende vernedering om aan den zwetsenden troep inlichtingen betreffende z'n vrouw te vragen.

Zonder zich door iets of iemand op te laten houden, vervolgde hij z'n hopeioozen gang, totdat eindelijk z'n krachten hem begaven en bij met loodzware beenen als 'n uitzinnige voortstrompelde, door de allengs verstillende straten, langs de zwijgende huizengevels, 'n Bank in 'n plantsoentje, hij gaf er zich geen rekenschap van waar hij zich bevond, was 'n welkome aanleiding om even op adem te komen, Gebroken het hij er zich neer, trachtte z'n gedachten te verzamelen. En als bij 'n langzaam ontwaken uit 'n obsessie, begon hij het krankzinnige van z'n zoeken in te zien in het holle van den nacht en in 'n stad als München. Hij begreep, dat bij moest berusten en dat, zoo ook de volgende dagen z'n pogen faalde om Lilly weder te vinden, hij de voortdurende marteling der onzekerheid in zich zou hebben te dragen, de machtelooze onzekerhéid, die hem ondragelijker leek dan alle offers, die hij bereid was te brengen om ook Lilly te voeren tot het heil en het geluk, dat hij voor z'n eigen ziel herwonnen had.

Sluiten