Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vlaag den dikken witten rook neersloeg, zagen wij zijn vurig rood bloed opvlammen.

Inderdaad de helroode zwavel, die zich in het inwendige heeft afgezet, geeft treffend den indruk, dat het daarbinnen met roode vlammen brandt en verklaart vele oude berichten, die van 't branden van solfataren spreken.

De omgeving der solfataren, die door den Javaan met zijn nuchtere namen „dapoer = keuken" genoemd wordt, is een chaotisch veld van rotsblokken, welke witgeel zijn door de infernale dampen, die ze zoo sterk aantasten, dat men ze tenslotte tot pulver zou kunnen kneden. Mijn wandeling door dien blokkenbajert, rond die allerrommeligste aller keukens, was dan ook eenigszins avontuurlijk en ondanks de noodige voorzichtigheid bij het klauteren, maakte ik eenige kleine glissades en bijna een grootere tombade, die niet dan door een haastige retraite kon ontgaan worden.

Maar de blik over de in de zon blinkende blokken naar de rookende rotsmassa, die, met zijn heftig geel, fel afstak tegen het blauw van het meer, waaruit een phantastische klip oprees en dat omlijst was door den donkerrooden en lichtgelen overwal, was nog heel wat meer moeite waard geweest.

Op dit terrein bij den dapoer heeft zich jaren geleden een tragicomisch voorval afgespeeld! Een bezoeker sprong van zijn vlotje aan wal en zonk tot zijn middel in verraderlijk drijfzand. Wel werd hij er door zijn tochtgenooten fluks uitgetrokken, maar het water scheen daar toen zóó zuur te zijn, dat eenige oogenblikken later 's mans pantalon in flarden losliet en hij blij was met den lendendoek van een der Javanen zijn naaktheid te kunnen bedekken, want ook zelfs een dergelijk, gansch niet salonachtig oord, heeft zijn toilet-eischen.

Maar ons, die na dit bezoek weer embarkeerden en al loodende naar de diepten van het centrum werden heengetrokken, ons wachtte ook een tragicomedie.

Het lood met daarboven aan de lijn vastgemaakt de thermograaf en daar weer boven de speciaal voor ons doel vermaakte maximum-minimumthermometer, was tot een diepte van 200 meter uitgeloopen en scheen den bodem bereikt te hebben,.want het trok niet veel meer.

Bij het intrekken trok het echter nog niet; maar toen trokken wij

Sluiten