Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Lang al hadden wij naar de sterren gestaard, toen wij allengs gewaar werden, dat de hemelkoepel door de onzichtbare hand van den tijd langzaam rond werd gewenteld en voor ons doemde op dat andere mysterie, dat van den tijd.

Het rees voor ons op, als een sombere reus, nooit geboren en toch levend, steeds bestaande en toch niet verouderend; die immer was en is en nimmer zal sterven; die voor ieder in een andere gedaante verschijnt en toch dezelfde blijft.

Chronos, die zijn eigen kinderen opeet, zoo noemden hem de oude Grieken en zoo poogden zij, al was het door een woest beeld aan de dierlijkste lagen der menschheid ontleend, den onverdragelijken aanblik van dien onbegrijpelijken gigant te ontgaan.

Maar de groote geesten van onzen tijd,— dien tijd, die het nieuwe doet geboren worden te midden van schrikbaarlijke verdelging—die hebben den reus aangegrepen en van zijn eenzamen zetel afgedrongen om hem te vereenzelvigen met de ruimtelijke afmetingen.

Met ongekende geestesmacht hebben zij ons een nieuwe ruimte voorgetooverd, een vierdimensionale ruimte, in welke een eeuwige majestueuse rust heerscht, waarin verleden en de toekomst naast het heden liggen en het heden slechts een doorsnede is. Een wondere ruimte, die wij ons niej kunnen voorstellen, maar langs welker onbegane paden het zekere voertuig der mathematische logica ons veilig verder voert.

Willen wij echter in die vreemde wereld, in welke de stof niet meer is dan een meetkundige grootheid, naar haar grenzen gaan, dan grijnst ons even. als vroeger het monster der oneindigheid aan.

En niet enkel in de verre verten staat de geheimzinnige gestalte der infinitas, maar in dit tijdsgewricht heeft zij zich als een gapende afgrond naast ons en in ons geopend.

Als met één slag toch hebben de wonderbaarlijke ontdekkingen der radioactiviteit vergezichten in de richting van het oneindig kleine ontsluierd, die zich kunnen meten met de overweldigende perspectieven, die de sterrenkunde ons schenkt.

Van de atomen hebben wij onzen blik naar de negatieve electronen kunnen slaan en van de electronen naar de positieve kernen, die in een

Sluiten