Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

achtereen, dat de buren boven begonnen te stampen en de hond achter in de keuken ging huilen.

„Negentig gulden," zei Kees terwijl hij met een muzikale franje een ander stuk aan het vorige koppelde.

„Nu — dat is goed, — negentig gulden," gaf de geplaagde man toe, die langzamerhand murw was gespeeld en het instrument desnoods ten geschenke zou hebben gegeven om van den speler af te zijn. Binnen hoorde hij de kinderen al van tafel opstaan, moeder met borden en glazen rammelen, terwijl de rare klant als bezeten doorspeelde.

De geplaagde zonk dan ook haast door den grond van verbijstering en verbluffing, toen Kees, na een poosje achter mekaar allerhande darmverdraaiende klanken uit de cel te hebben gehaald, die bij den hond in de keuken een herhaling van dolheid deden vreezen, met eenrustiggezichtdeonlogischevraag stelde:

„Dus u blijft bij negentig?"

Achteraf bedacht de winkelier tal van snedige antwoorden, die hij daar op had kunnen geven, maar op het oogenblik zelf was bij dermate beduusd, dat hij verwezen toezag, hoe Kees de cel wegzette en kalm den winkel verliet!

Kees kwam in de gevangenis. Hij moest naar een bruiloft in Arnhem maar bleef bij vergissing zitten, met het gevolg, dat hij over de Duitsche grens kwam zonder pas, met veel brieven en paparassen op zak, die verdacht schenen. Daar hij bovendien een luitenant met „du" aansprak en hevig tekeer ging toen een feldwebel hem aan den lijve wilde onderzoeken, is hij in een donker hok gezet.En daar zat hij lang. Er zijn riemen papier over zijn doen en laten vol geschreven te Berlijn en in Den Haag, er zijn tientallen guldens vermorst aan dienstteleg ram men en dringende telefoongesprekken. Kees zat in de gevangenis. De zonderlinge verstrooide jongen werd in Duitsch56

Sluiten