Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

minder nauwkeurig zijn. Gebruikt men den planimeter in dien stand, dan is het wenschelijk, vóór het.gebruik de constante B opnieuw te bepalen en niet op eene vroegere bepaling daarvan te vertrouwen, omdat die constante sterk kan veranderen door eene geringe verschuiving -van het rolletje in de richting van de as, waarom het draait, door welke verschuiving de lengte van den arm BG=b verandert.

Zoowel bij .de metingen voor bovenstaande regeling als voor het bepalen van de constante B, zal men niet op eene enkele meting afgaan, maar een gemiddelde uit eenige waarnemingen nemen. Ook later bij het gebruik van den planimeter zal men voor de contröle iedere figuur met den planimeter -minstens tweemaal meten, waarbij men de tweede maal de figuur in tegengestelden zin rondgaat als den eersten keer.

Verder moet men er voor zorgen, het rolletje C .steeds over papier te laten glijden en niet over de tafel of de teekenplank, waarop de kaart is gespapnen. Daar de aanwijzingen van het ' rolletje gebleken zijn, meer of minder afhankelijk te zijn van den aard van het papier, waarover het glijdt, heeft men bij fijnere instrumenten de inrichting zoodanig gewijzigd, dat het rolletje zich niet over het papier, maar over eene aan het instrument verbonden schijf beweegt. Dit is o. a. het geval bij den vrijzwevenden poolplanimeter van Hohmann-Coradi , die overigens geheel op dezelfde wijze gebruikt, onderzocht en geregeld wordt als de gewone poolplanimeter.

§ 164. Krimpen van het papier. Wordt het papier voor het teekenen van de kaart op eene teekenplank gespannen,-iets wat bij het planchet altijd moet geschieden, dan zal bij het lossneden het papier krimpen; het krimpen heeft ook plaats bij het wasschen van eene teekening, ai is zij ook niet opgeplakt. Op dit inkrimpen van het papier, dat soms meer dan een percent kan bedragen en dus Van veel invloed is op de uit de kaart af te leiden afmetingen en inhouden, moet behoorlijk gelet worden.

Het beste zal zijn, al de afmetingen uit de kaart te bepalen, voor dat deze gekrompen is, dus voor dat zij wordt afgesneden of voor dat zij in kleuren wordt afgewerkt.

Kan dit om de eene af andere reden Met geschieden of moet men later op die kaart nog meer inhouden bepalen, dan moet men de inkrimping behoorlijk in rekening brengen. Het beste middel hiertoe is, dat men de ruiten,, die dienen tot het uitzetten van de berekende coördinaten van de hoekpunten van

Sluiten