Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kijker, die om eene verticale lijn kan draaien, zoodanig dat de vizierlijn altijd horizontaal is en dus bij de beweging een horizontaal vlak beschrijft. De bepaling van de afstanden der twee punten tot dit vlak geschiedt met behulp van de waterpasbaken, waarop men afleest de punten, waar de horizontale op de baken gerichte vizierlijn deze treft.

Zoolang het waterpasse vlak vervangen mag worden door een plat vlak, kan men blijkbaar het hoogteverschil der punten ook vinden door den horizontalen afstand der punten, benevens den elevatiehoek hunner jVerbindingslijn te meten; het product van den horizontalen afstand en den tangens van dien hoek is dan het hoogteverschil. Daar deze. methode van hoogtemeten, die den naam draagt van trigonometrische hoogtemeting, voornamelijk wordt toegepast, wanneer de punten niet dichtbij elkaar zijn gelegen en daar de* invloed van^den gebogen vorm van het waterpasse vlak reeds bij afstanden van weinige honderdtallen van meters duidelijk merkbaar wordt, ~zal men dezen hierbij dus in den regel in rekening moeten bréngen.

Dé instrumenten, welke' men bij de trigonometrische hoogtemeting gebruikt, zijn reeds in het Eerste Gedeelte van dezen leercursus beschreven en behoeven dus in dit Gedeelte niet opnieuw vérmeid te worden.

Een derde methode om het hoogteverschil van twee punten te bepalen berust op het verschil in drukking, die door de lucht wordt uitgeoefend op een vlak van dezelfde grootte, wanneer het zich op verschillende hoogten bevindt. Daardoor is het mogelijk, om uit de gemeten drukkingen der luofit in twee punten hun hoogteverschil te bepalen. Aangezien het werktuig, waarmede de drukking der lucht gemeten wordt, de barometer is, draagt deze methode van hoogtemeten den naam van barometrische hoogtemeting. Zij is minder nauwkeurig dan de trigonometrische hoogtemeting, die op hare beurt in nauwkeurigheid meestal weer onderdoet voor het waterpassen.

\

Sluiten