Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en Co = 0. De grootheden q1 voorkomende onder (155), blz. 452, zijn dus:

?i = Pi — — (157)

Ai

enz.

de coëfficiënten ^ = a1} enz. voor de foutenvergelijkingen zijn:

*£=&_ K=oA. V_1

dA x2;' d£ x;' dC ' zoodat de foutenvergelijkingen zullen zijn:

/■■f3 f \

«i = 2i-^Ai+—2 A-B + A CJ,

Bij de bepaling van de verschillende waarden van x, waarvoor telkens meerdere metingen werden verricht, bleek de nauwkeurigheid onafhankelijk te zijn van den afstand; dit volgt trouwens ook uit eene eenvoudige redeneering: voor kleinere afstanden, waarbij de invloed van de meerdere of mindere mate van doorzichtigheid van de atmosfeer geen invloed uitoefent, zal de nauwkeurigheid waarmede het beeld van een voorwerp scherp wordt ingesteld, onafhankelijk zijn van den afstand waarop het voorwerp is geplaatst, mits het beeld steeds details vertoont, die goed zijn te beoordeelen. De grootheden p, die wij als metingen beschouwen, zullen echter in dat geval" niet gelijke nauwkeurigheid hebben. Is ft de middelbare fout van f, dan zal, aangezien:

f2

P = —> x

de middelbare fout m van p gevonden worden uit:

verg. (8) blz. 326; nemen wij het gewicht van x als eenheid aan, dan is het gewicht, o- van p:

ft^ x*

9~ mp^W

Sluiten