Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijn best doet u te doen gelooven, dat de oogenblikken van wanhopige triestheid en tartend-eentonige grijsheid niet meer zullen kunnen worden verdreven door constanter uren van parelende licht-vreugde.

Is dus zoo'n schaarsche licht-uitbundigheid als een. fonkelend wonder temidden van de vale starheid van het glanslooze seizoen en breekt dus zoo'n pareling van goud en zilver, dat gloeit op de wolksculpturen van den hemel en glimt op de fulpen geheimen van het blauw tusschen al die blanke, weeke lucht-fuguren den weinig-welgezinden tijd op' gelukkige wijze in brokstukken, óók is daar het vogelleven zelf, dat reeds in de „donkere dagen vóór Kerstmis" lentelijke verlangens bevredigt en er andere wakker roept. Ik denk hierbij vooral aan den winterkoning, aan dit johg, snaaksch klein Jantje, dien ik voor geen schatten zou willen missen. Hij is een blij .tierelierend minstreel, hij zingt zijn klare deunen in een seizoen, wanneer het meerendeel der andere vogels zit te kniezen in struiken en struweelen en wie weet, op welk een zorgelijke wijze bezig is uit te rekenen, hoe lang het nog duurt, eer het goud weer de luchten vult, zich stort op de groene weien en zich vlijt aan het lentewaas der herlevende bosschen.

Zoo'n winterkoning is, ondanks zijn naam, de Lente zelf en zijn tierelierend lied juicht als een melodieus wonder in het vierde seizoen. En met welk een innigheid, met welk een aandoenlijke toewijding wordt het voorgedragen! Is het niet, of dit veeren propje, dit bruine kluwentje, de lente uitlokt met zijn moedig stemmetje ? Trouwens: als maar eerst de dagen vóór Kerstmis goed en wel doorgeworsteld zijn, als zonne-momenten en

Sluiten