Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FEBRUARI.

k dc° nacht, waarboven een besterde hemel huifde, blies de wind, die koel was, maar kunstzinnig. Hij had, vagebondeerend door vele domeinen dezer aarde, schoone vogelveeren gezien en hij penseelde die na op de ruiten der boerenhoeven. De vogelveeren waren rank en slank geschilderd, donzig en fonkelend.

Hij had, hedren pijpend bij de deinende weiden, de gracieuse grassen bemind. Hij teekende ze na als een flonkerende herinnering, speelsch, maar vol fijne innigheden.

Door de varens, die groenden in de ruigten van luwe wallen, was hij wervelend gehold. Hun golvingen en wendingen had hij hef en hij zong hun charmen uit in een licht-hjnige ets.

Hij woei, als op plaatjes, die grappig willen zijn, den hoed van het hoofd van een wiskunstenaar, hij woelde uit dat kale hoofd vele geometrische figuren, die hij nagraveerde met veel smaak, den dorren vormen edeler inhoud gevend.

De koele wind. hij was zoo n goede handlanger van den winter en als zijn adem suizelde langs de wufte, lichtzinnige wateren, bekeerden deze zich en werden zoo ijzig solide. 1..56? ,re8iem van hct tol getijde was onverbiddelijk, barsch en bits en het bracht tientallen

Sluiten