Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Arbeiderswoningen te Amsterdam, architekten Berlage en van Epen. Voorbeeld van een aaneengesloten rij van dezelfde woningen met een gewijzigde hoekoplossing.

grip tot uiting kwam, hetgeen in alle andere openbaringen van bouwkunst nog wordt gemist. Want treft ons daarin niet, al is het ook nog embryonaal, reeds oorzaak en gevolg van maatschappelijke idee en bouwkultuur?

Met een zekere eenheid in den kunstvorm, zou zelfs ook naar buiten dat kuituurbegrip kunnen verschijnen; omdat in elk kuituurbegrip eenheidsuiting van zijn verwerkelijking is voorondersteld.

Het moet nu dunkt mij, afgaande op het werkelijk onbegrijpelijk verzet tegen normalisatie van een zijde waarvan men dat het minst had verwacht, en dat nog wel nu er nota bene noodtoestand is, den arbeiders aan dit inzicht hebben ontbroken, en bovendien aan de kennis der bouwgeschiedenis, die leert, dat de blokbouw, zoowel als het eenvormige rijenhuis er altijd is geweest, en wel van een zoodanige aesthetische waarde, dat wij deze nu opnieuw erkennen en wel als waardevolle schoonheidsuiting juist van dezen tijd.

Want het is tóch, wanneer men technisch zoowel als praktisch een goede woning krijgt, hetgeen a priori moet vaststaan, waarlijk niet onmenschwaardig als geestverwanten éénzelfde woning te bewonen. Wanneer in de middeleeuwen, die ons wat arbeidsverdeeling betreft tot voorbeeld worden gesteld, dezelfde verhoudingen bestonden als tegenwoordig, werd het individualistische principe prijsgegeven, en er naar gestreefd de sociale gelijkheid der bewoners als aesthetisch gevolg, ook naar buiten te toonen. Dat gebeurt bovendien nu toch al; en dat niet alleen, maar een dergelijke bewoning ligt zooals historisch bleek, vooral in dezen tijd geheel in de sociaal oeconomische ontwikkeling der maatschappij zelf. Zij is

Sluiten