Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daarvoor minder te betalen. Indien er ongelijkheid moet bestaan, zoude ik nog liever de vrouw hooger willen beloonen, omdat haar werktijd ontnomen wordt aan het gezin, dat haar zorgende hand zoo broodnoodig heeft.

Wat de bezoldiging van onderwrjze:rs(e88en') aangaat, zoo is het de wensch van alle Onderwijzersbonden, Prot. Chr., R.-C. en Neutraal, dat eene gelijke bezoldiging voor beide geslachten worde ingevoerd.

De Chr. Unie van Onderwijzer», die in Januari j.1. vergaderde, sprak als haar wensch uit, dat het salaris van eene onderwijzeres gelijk zou zijn aan dat van een ongehuwden onderwijzer, terwijl een gehuwde onderwijzeres een toeslag zou genieten evenals een gehuwde onderwijzer.

Een andere grond van lagere salariëering ligt hierin, dat men ih den regel vindt, dat een man meer geld noodig heeft, zich vrijer moet kunnen bewegen. Bij een jong mensch, die als ambtenaar op eene Secretarie een aanvangssalaris van f 300 ontving, hoorde ik de opmerking maken: „dat ia net genoeg om zijne sigaren te betalen". Van een meisje zoude men toch nooit zeggen: „f 300 dat is net genoeg voor kleine snoeperijen, eau de cologne, lavendelwater of iets dergelijks". En ook in een stand, waar men niet zoo royaal met het geld omspringt, heeft men toch altijd het idee, dat de man meer geld noodig heeft voor zijne persoonlijke liefhebberijen. Van jongsaf-aan wordt dit er in gebracht. Vader geeft het voorbeeld. Geld voor een borrel, voor een glas bier moet er zijn. Of, indien hij zoo wqs is geen alcohol te gebruiken, voor sigaren en tabak moet toch altijd gezorgd worden. En de jongens leeren al heel vroeg hetzelfde. Men kan zich wel eens ergereni, wanneer men jongens ziet, waarvan de moeder als weduwe door Diaconie of Burgerlijk Armbestuur ruim ondersteund wordt, met een sigarettenkoker rondloopend, zelf rookend en anderen aanbiedend, terwijl de moeder zich soms het noodige ontzegt. Gelukkig ia er nu in de meeste plaatsen een rookverbod voor kinderen beneden 14, meeatal bëneden 16 jaar. Maar na dien tijd kan er nog heel wat afgerookt wordeni En dit rooken is teekenend voor het geheel. De jongens eischen meer voor zichzelf dan de meiajes en de maatschappij geeft hen hooger loonen om aan die eischen te kunnen voldoen. Dit werkt naar beide zijden verkeerd. De jongens gevoelen zich toch al licht „het heertje", hun geheele opvoeding werkt hiertoe mede en door de hoogere loonen die zij verdienen, gaan zij zich nog meer boven hunne zuaters verheffen, hetgeen een zeer verderfelijken invloed heeft op hun geheele verhouding tegenover het vrouwelijk geslacht. Door hun gevoel van superioriteit denken zrj zoo licht, dat zij de vrouw op allerlei wijzen kunnen misbruiken voor hun eigen doeleinden.

En de meisjes — ik wil haar volatrekt niet voorstellen ala onnoozele verdrukte lammeren of als „heilige boontje8", ik weet al te goed dat vele van hen voor blousjea, lintjes en strikjes, voor snoepgoed meer geld verteren, den ouders dus meer koeten dan noodig is — maar toch een meisje moet hare behoeften in den regel veel meer beperken dan een jongen. Door de verkeerde beschouwing van de maatschappij, waarvan de loonregeling een uitvloeisel is, worden hier de verkwistendheid, zoo al niet

Sluiten