Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij voortduring komt dus Mijnheer Van Bottel eiken Donderdag op klokslag drie, drinkt zijnen koffie, rookt zijn pijpje, vertelt voor de honderdste maal zijne zelfde historietjes, speelt zijne vier partijtjes tegen twee stuivers, en vertrekt op slag van zessen.... altijd met de winst juist gelijk Grootvader het gezien en beleefd had.

Die bezoeken zijn voor mij gezegende oogenblikken. In 't eerst moest ik de receptie bijwonen in mijne beste kleederen, zonder met mijnen rug tegen den stoel te leunen, zonder met mijne schoenen over het tapijt te scharren, zonder met mijne armen op de tafel te rusten, zonder te' spreken onder het kaartspel, maar vooral zonder te geeuwen onder de vertelling.

Doch al spoedig hernam ik mijne vrijheid, en thans is de receptie nauwelijks begonnen, of ik sluip stillekens de kamer uit, met handen en voeten de trap op, het klein deurken open, en het zolderkamerken binnen, waarvan mij de ingang ten strengste verboden is. Hier bevind ik mij in eene geheele andere wereld. Rijen boeken en werken bekleeden de wanden, titels en papieren liggen dooreen geworpen op den grond: 't is een warboel van bundels en perkamenten, een baaierd van alle formaten, een mengelmoes van gedrukt en geschrift, geheel in mijnen smaak.

Nooit heb ik veel trek gevoeld voor eene goed ingerichte boekerij, waarin ieder vak zijn schap, ieder schap zijne nummers, en ieder nummer zijn werk heeft. Mijn eerbied is te groot om die vergulde heeren te storen in hunne gecatalogeerde deftigheid.

Sluiten