Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het kind klaagde en bad van uit zijn ziekbed, de moeder weende en smeekte, vatte het lange wijf bij de kleederen, drukte haar de handen, viel op de knieën; doch alles tevergeefs.

„Het kind naar het gasthuis of gij mijn huis Uit ["snauwde zij de weduwe terugstootend toe, en verliet de arme woning, de deur achter zich met geweld toeslaande.

's Anderendaags reeds stond de deurwaarder daar. Hij behandigde aan de buurvrouw een stuk papier met veel gekrabbel en twee zegels op, en verklaarde, dat zij voor den vrederechter gedagvaard was.

Tien dagen later moest zij haar huis verlaten met haar lijdend kind, dat op zijn bed verdragen werd.

Die onmenschelijke handeling baarde groote opschudding. De weduwe werd door iedereen geacht en bemind, de eigenaresse gehaat en verfoeid. In de buurt ging een kreet van algemeen afgrijzen tegen haar op, waarbij de huurders, die niet altijd gereed waren, natuurlijk het luidste schreeuwden.

De burgers, bij wie de weduwe als schuurster werkte, vernamen de geschiedenis, en het werd een algemeene kreet van verontwaardiging tegen de onmeedoogende gierige en tegen de maatschappij der Vriendschappelijke Eigenaars, dfe haar de geldmiddelen ter hand stelde om zulke wreede ontwerpen, zonder eenige uitgaven, ten uitvoer te brengen.

„Hadde het haar eenen centiem moeten kosten, zij zoude zoo haastig niet geweest zijn; maar 't is de schuld dier zedelooze sociëteit", zoo klonk het overal.

Den leden der commissie kwam de zaak ter ooren en zij ontstelden zich over den blaam, die het gezelschap trof. v

Het scheen hun een plicht de eer der vereeniging te handhaven, en zij namen een ridderlijk besluit.

Met algemeene stemmen werd beslist, niet de weduwe te

Sluiten