Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laten gaan, een vleugje van liefheid, zoet weemoedig als een zomeravondgeur was even van haar uitgeademd naar de moeder toe, maar och, daar zou 't dan ook wel bij blijven. Morgen kwam er geen kus meer en geen handdruk, 't Was de ontroering door het lied geweest, anders niet. En toch was Jenny zulk een goed kind, zoo rechtschapen, zoo trotsch rechtschapen. Alleen zij en haar moeder hadden elkaar moeten vinden, en voornamelijk door en in dat wat hen beiden zoo lief was: de muziek. Maar ze konden het niet. Nooit kwamen ze tot elkaar, en de hinderpaal was de thans doode man en vader door Jenny vergood, door Mathilde slechts geacht.

En Jenny, vaders liefste kind, die met scherp instinct geraden had wat er omging in de moeder ten opzichte van den vader — Jenny vergaf het Mathilde nooit. Met de onervarenheid harer jeugd was zij Mathilde's strengste rechter.

O, al wat zij soms dood en begraven waande in gevoel en herinnering, was vandaag weer herrezen in Mathilde Polenius, en in de stilte van den nacht, gekluisterd aan het heete bed, dat zij zoo behoefde om te rusten, en waarop zij geen rust vond, waarop haar lichaam als in smeeking woelde en zich omwierp, doorleefde zij met sterke helderheid haar jeugd, haar gansche leven ook van gehuwde.

Zij zag zichzelf de oudste van een talrijk gezin. Haar vader, lang candidaat te Amsterdam, te lang, daar eindelijk benoemd tot notaris, haar moeder lief, goed en zacht, zorgend en bedrijvig in haar drukke huishouding. Zij Mathilde met haar muzikalen aanleg, de aangebedene, het voorwerp van ontzag en bewondering van de moeder, van de minderbegaafde broers en zusjes.

Notaris van der Pel, koud, practisch, door harde ervaring bevroren, verkoos niet te ontdooien in zon van idealen, sloeg de stralende visioenen zijner vrouw, die Mathilde reeds als ster bewonderde, met een handbeweging weg, als spinnewebben. Had vooral, omdat hij niet zeer muzikaal was, een hoonlachje over voor dat concertgeven in de toekomst. Vond niets beter dan léssen geven, „dat hield tenminste brood in." „Was zijn vrouw nu heelemaal gek, om het kind wijs te maken dat er wat bijzonders in haar stak!? Ja, er

Sluiten