Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

,,'t was maar om een inzicht te geven in mijn maatschappelijken ijver. Enfin maar juffrouw Reuvels, die had wel ooren naar Levensvreugde en ze zou vanavond komme."

„Ah...." deed de presidente verlucht.

„Ja.... 'n succes, ee? Gut, lieve menschen, ik kocht dadelijk van blijdschap een ons peperemunt; juffrouw Louise Reuvels gepresenteerd, meneer de drogist gepresenteerd en toen ging ik naar huis, net zoo trotsch als een zendeling, die een paar menscheneters heeft gedoopt, ee? Enfin, maar 't akelige komt tot slot. Want vanavond kreeg ik een briefje, dat de juffrouw niet komt, omdat ze met een neef naar de bioscoop ging. Nou presidente, nou kun je je zeker wel in mijn toestand verplaatsen, ee? Misère imperiale in de fijne. Ik eb gezegd."

,,'t Is heel jammer,"■sprak freule Tunberghe een beetje sec, omdat na dit lange verhaal het resultaat nu toch nihil bleek te zijn. „Juffrouw Vis, u...."

Betje Vis ging even verzitten.

„Dat zal ik u vertellen, presidente. Ja, ik zeg „u," maar de andere dames mogen het natuurlijk ook hooren, dat spreekt," en Betje lachte eens even vriendelijk den kring rond, „wij hadden een bizonder geschikt persoontje op 't oog, niewaar Leen?"

„Bizonder geschikt," bevestigde Leentje.

„Ze is typiste in die ijzerzaak van Willems, ik weet niet, of u ze kent....?"

Freule Tunberghe schudde ontkennend het hoofd.

„Zoo'n donker meisje," ging Betje, nog ophelderend voort „nogal lang; ze loopt altijd met die dochter van van Heusde en nou den laatsten tijd, dan droeg ze zoo'n covercoat mantel en zoo'n aardig groen hoedje, niewaar Leen?"

Sluiten