Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kamer stoof, — want het tempo was veel te snel om van „trad" te kunnen spreken — een jongmeisje; met nog even wild lachende oogen, die echter dadelijk ernstig werden.

Een geheimzinnige hand sloot achter haar de deur.

Deze eenige overlevende der doodgemartelde familie, droeg een zwart satijnen toiletje, met goudborduursel opgemaakt: de hals en onderarmen waren bloot, om de eerste hing een snoer paarlen, de laatsten prijkten met allerhande glinsterende versierselen, waarbij een goud armband-horloge het meeste opviel: ook aan de vingers der tamelijk groote handen flonkerde allerlei steentjes. Onder de korte rok kwamen de welgevormde beenen zeer voordeelig uit in geajoureerde kousen van een ragfijn Weefsel, de voeten waren gestoken in muiskleurige schoentjes met zwartverlakte punten. Ze had een eenigszins breed, maar frisch gezicht met jolige bruine oogen en een grooten mond met iets te roode lippen en witte tanden. Het haar, dat kunstig geonduleerd was, werd bijeen gehouden door schildpadden kammen waar schitterende juweelen in flonkerden.

„Mijn candidate!" riep juffrouw Sladerus van haar stoel opspringend uit „ik wist het wel...."

En op het meisje toetredend, dat nu toch wat bedremmeld en onzeker bij de deur bleef staan, reikte ze dit de hand en trok haar mee in den kring der dames tot voor de bestuurstafel.

„Uw naam?" vroeg freule Tunberghe die door haar face è main deze eerste stille snakster naar Levensvreugde met onverholen verbazing opnam.

„Leontine Schandevel, alstóeblieve madam," zei het meisje met een wonderlijk schorrige en lage stem.

„Zoo, Leontine.... dat is een heele mooie naam," zei

Sluiten