Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Je hebt haast, want het is bijna kwart voor acht, je trekt een veter stuk van een laars, je horloge vliegt uit je vestjeszak met een smak tegen de stoelleuning, je vecht vloekend voor den spiegel met een boordeknoopje, dat niet door het gat wil van een nieuwe col, je knakt je front, foetert op de schoone manchetten en stormt eindelijk haastig de trap af, want je vrouw heeft nogeens naar boven geroepen, dat het nu bij achten is.

Beneden blijkt het, dat er wit aan je mouw zit: je vrouw schuiert het er af met een borstel, die anders altijd beneden, maar nu boven is. »

Je schiet je overjas aan, zet je hoed op en gaat met je vrouw de deur uit: buiten vraagt ze of je denkt dat het zal gaan regenen; je hebt er heelemaal niet over gedacht, maar loopt even terug om een paraplu te halen. Ziezoo, dan stap je stevig door, tot je je plotseling herinnert, dat je je portemonnaie in je andere:pantalon liet zitten en als er dan eens gekaart wordt..,.!

Je rent nog eens terug, je vrouw zal zachtjes doorloopen.% psgk

Je vliegt de trap op, stoot op de slaapkamer je knie tegen een stoel die ergens staat, waar hij anders nooit staat, voelt eerst in de verkeerde en dan in de goeie zak en snelt met de buit weer terug. ,

Als je buiten komt is je vrouw al uit het zicht, en als je haar hijgend hebt ingehaald, vraagt ze. waar of je toch blijft.

In de vestibule bij van Stralen, zie je dat de kapstok al vol hangt: je vrouw zegt zacht en verontwaardigd: „God, de Vlemings.... hoe komen ze dé<tr bij?" Ze heeft de mantel van mevrouw Vleming herkend, een dame waar we eigenlijk mee gebrouilleerd zijn.

Sluiten