Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

langen zit, nochtans met een afwerend gebaar naar de vele handen, die ter hulp werden uitgestoken.

„Laat ik u toch helpen," sprak de oude heer van Berkel.

„Als u dit dan maar aanpakt," zei ze, een mandje toereikend, „past u op, Minet zit er in... zoo... hier mijn paraplu.... dank u.... mijn taschje...."

„Dame, vlug alstublieft," haastte de conducteur, al met den portierknop in de hand.

Marie liet een voet zakken op de bovenste treeplank.

De chef kwam aanloopen, met het signaal in de hand, verderop hing de machinist ongeduldig te kijken uit z'n machine.

„Laten we u helpen!" bood van Berkel aan.

„Nee.... jamais!" sprak ze op beslisten toon, terwijl de tweede voet nu de bovenste treeplank bereikte.

„Maar mevrouw, dat gaat zoo niet, we krijgen vertraging!" protesteerde de chef.

„Mijn schuld niet," antwoordde de oude dame, die rustig voortging zich omlaag te werken, „als de spoorwegmaatschappij haar wagens zoo inricht, dat je allerlei gymnastische toeren moet doen om er in en er uit te komen, moet ze me ook den tijd geven om de reuzenzwaai te doen of hoe heet die beweging," en juffrouw Marie zette nu haar rechtervoet kalm en voorzichtig op het perron.

De chef en de conducteur dansten van ongeduld.

„Vertrekken!" brulde de chef, de signaalschijf zwaaiend, als juffrouw de Jong's tweede voet ook de aarde bereikte.

„Past er op!" schreeuwde de conducteur, de oude dame een duwtje in de rug gevend, dat ze vooruit schoot: bons!

Sluiten