Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Hèèl aardig.... hèèl attent!" riep Trees.

„O.., iedereen is zoo vol hartelijke belangstelling," snikte Clara eensklaps.

„Mot je daar nou om grienen!" riep Tine uit.

„En nou meneer Lebeu...," zei van Berkel. „Wat is er aan de hand, jongmensch....?"

„O meneer...," begon Johan, „de kwestie is...."

Opnieuw stoof de meid naar binnen: „Méneer, of u even wilt teekenen, 'n brief met spressebestelling, geloof ik, dat-ie zee."

„Een expresse...," sprak van Berkel, „hier geef dat maar terug...." en hij overhandigde de meid het afgeteekende recutje, én dan tot Johan: „Nog één oogenblikje .... je ziet, ze laten ons niet met rust, Heere!" riep hij uit, terwijl hij haastig den inhoud van het briefje overzag en dan hardop lezend:

Weledelgeboren Heer, . : Toevallig verneem ik zooeven, dat ie heer de Jong sedert gisterenavond weer thuis is. Ik meende u van dienst te kunnen zijn, door dit even te'melden. ,j

.(- •• Hoogachtend ; ' v,<";iir»> ■<:■■■■■■ >V« /. Tunberghe,

„Hoe hartelijk toch!" riep Coos.

,,'t "Is bepaald aangrijpend," zei Trees. !i „ Iedereen" bemoeit- er zich mee," knikte Clara opnieuw.

„Tjonge, tjonge, 't loopt me over 't hoofd/' sprak van Berkel en dan ten derde male tot Johan: „Nou jongmensch, nou ben ik eindelijk tot je dienst, hoor."

„Ja...," antwoordde Johan, ,,'t is nu eigenlijk wel.... hm.... ik kwam u ook vertellen, dat meneer de Jong weer thuis is...."

Sluiten