Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in bijzondere gevallen, als het in het algemeen belang bepaaldelijk wordt geëischt, van de heerendienstplichtigen, voor zoover zij tot de werkbare mannen behooren, tegen behoorlijk loon, diensten te vorderen ten behoeve van het aanleggen of vernieuwen van en het verrichten van zware herstellingen aan irrigatiewerken, in geval daarvoor geen of niet in voldoenden getale vrije werklieden te verkrijgen zijn.

Indien naar het oordeel van het Hoofd van gewestelijk bestuur aanleiding bestaat tot het vorderen van heerendiensten als bedoeld in de tweede alinea van artikel 1 § 3 der ordonnantie in Staatsblad 1914 No. 101, 1915 No. 21, 1916 No. 66 doet hij daartoe een voorstel aan den Gouverneur-Generaal door tusschenkomst van de Directeuren der Burgerlijke Openbare Werken en van Binnenlandsch Bestuur.

Naast de redenen, welke tot het voorstel aanleiding geven, wordt daarin vermeld:

a. het geboden loon, waarvoor geen of niet in voldoenden getale vrije werklieden waren te verkrijgen, en het loon, dat in verband met de omstandigheden, welke daarop van invloed kunnen zijn, als: afstand van bet werk tot bewoonde centra, gezondheidstoestand van de streek, waarin het werk wordt uitgevoerd enz. als „behoorlijk" kan worden beschouwd;

b. het aantal dagdiensten, dat naar schatting, van de heer en dienstplichtigen zal moeten worden gevorderd;

c. het aantal heerendienstplichtigen, dat voor het verrichten, van den bedoelden arbeid kan worden opgeroepen.

Bedoelde heerendiensten worden, zoo mogelijk, in de eerste plaats gevorderd van de heerendienstpliehtigen, die bij de uitvoering van het werk direct belang hebben en op niet meer dan vijf paal afstand van de plaats, waar zij' zullen. worden tewerkgesteld, woonachtig zijn. Indien de arbeid voor die dienstplichtigen te zwaar zou worden, kunnen ook andere dienstplichtigen bij het werk worden ingedeeld.

In geen geval mag de afstand tusschen de woonplaats van de dienstplichtigen en de plaat-

Sluiten