Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ofschoon door verschuiving van eenige legerkorpsen, zooals nu voor het 4e en het 5e Leger bevolen was — namelijk door het onderling afstaan van* troepen van de linker vleugel-legers naar het centrum en verder naar den rechter vleugel — nog weleen meer doeltreffende groepeering mogelijk geweest zou zijn;

Generaal von Kuhl wijst er op, dat de keizerlijke aanwijzingen voor de voortzetaUgJïder operatiën van 27—28 Augustus, reeds enkele dagen later, door den loop der krijgsgebeurtenissen, zonder dat ze opgeheven werden, feitelij k niet meer nageleefd konden worden. In plaats van in de richting naar het Zuidwesten, kwamen de legers er van zelf toe, zich in meer Zuidelijke richting te verplaatsen. De door von Schlieffen beoogde strategische „Einkrekung" — het van twee zijden omvatten der gezamehjke Fransche legers, — was thans vrijwel tot een hersenschim geworden.

Het ie Duitsche leger zette aanvankelijk op 29 Augustus, zijn opmarsch naar het Zuidwesten nog voort. Wanneer het 2e Leger den vijand aan de boven-Oise ophield, kon het ie Leger, door oveT dé Avre, ongeveer naar Montdidier-Noyon te marcheer en, them misschien in flank en rug nemen. Het ie Leger rukte daarom op 30 Augustus in breed front van ten Z.W. van Péronne op naar de Avre, van de Somme af, tot ten Z. van Roye; terwijl het 4e reserve-korps ten N. van de Somme van Albert naar Amiens marcheerde. De cavalerie werd si* hoofdzaak op den linker vleugel van het leger gedirigeerd, onvhetverband met het 3e Legert» onderhouden, wijl de afstand tot dit leger anders te groot kon worden.

a Intusschen kon het ie Leger de vorenbedoelde richtingtmet langer blijven volgen. De keizerlijke aanwijzingen schreven het voor: op te rukken ten

Sluiten