Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

LIMITATION — LOVE

zyn. — attainable (= practicable) 1.: bereikbare (= uitvoerbare) limiet.

— your 1. was impracticable: was onuitvoerbaar. — to exceed a 1.: een limiet overschrijden. — to succeed below a 1.: beneden een limiet slagen.

— to diminish (= tc lower = to reduce) al.: een limiet verlagen.

limitation: term of 1. == time of 1.: verjaringstermijn.

limited market: beperkte (= stille) markt. — 1. order: gelimiteerde opdracht. — 1. liability: beperkte aansprakelijkheid. — 1. liability company: naamlooze vennootschap.

limping Standard: kreupele (= hinkende) standaard.

line: branche; vak; stoomvaartlijn; bedrag (by Lloyd's). — 1. of business branche. — this is not in my 1.: 6ehoort niet tot mijn branche. — this is all that we can offer in this I.: al wat we in dit artikel kunnen aanbieden. — to handle a 1.: in een artikel doen. — to take up a 1.: met een artikel beginnen. — catch I.s: reclame artikelen. — to be in the oil 1.: in verfwaren doen. — your valued i.s: Uwe geëerde letteren. — on the same I.s: op denzeifden voet. — to 1.: 6ekleeden. — a adnc I.d case: een met zink bekleede kist.

linear: per 1. foot: per strekkende voet.

liner: mailboot; lynbool.

liquid: vlottend f liquide.

liquidate a business: een zaak liquideeren. — La buil position: een hausse positie afwikkelen.

liquidation: to go into 1.: liquideeren.

liquidator: liquidateur.

list: specified 1.: gespecifieerde lijst. — 1. price: catalogusprijs. — 1. of drawings: trekkingslijst.

live stock insurance: veeverzekering.

llvely: geanimeerd.

Lloyd's: registered at: ingeschreven in ■ Lloyds Register.

load: vracht. •— deck 1.: deklading. — the ship is ready to 1.: is laadklaar. — i to 1. a ship: een schip laden. — Led vessels: geladen schepen. — fully Led: i volgeladen. — the l.mg: de lading = het laden. — to be in l.ing: in lading liggen. — port of l.ing: laadhaven.

loan: leening. — to arrange I.s: leeningen tot stand brengen. — to issue a 1.:

een leening uitschrijven. — to raise a L: leenen; geld opnemen. — 1. on security: beleening. — 1. company: voorschotbank. — 1. money: geleend geld. — to 1. money at interest: geld uitleenen tegen rente. — Lable: uitleenbaar.

local agent: plaatselijk agent; agent aldaar; agent in de provincie.

lock up capital: kapitaal vastleggen (= blokkeeren). — capital Led up in trade: geld dat in den handel is vastgelegd (= in de zaak gestoken is).

lodge: inzenden; indienen; deponeeren.

— to 1. a request with: een verzoek indienen bij. — to 1. in the warehouse: opslaan (in het pakhuis). — to 1. a credit with a person: bij iemand een crediet openen. — lodging: opslag (in het pakhuis).

Lombard street: 1) straat bij de Beurs;

2) geldmarkt. long bill: langzicht wissel; lang papier.

— L Berlin: langzicht wissel op Berlijn. — to draw at 1. date (= sight): een langzicht wissel trekken. — 1. firm: flesschentrekkersfirma. — 1. dozen: 13. — 1. hundred: 120. — 1. figure = 1. price: hooge prijs; duur.

look up: hooger worden; stijgen. — 1. downwards: dalen. — prices are l.ing up: de prijzen gaan iets omhoog; loopen op; verbeteren. — on l.ing through (= over) our books: by het nazien (= doorzien) onzer boeken.

loss: verlies; achteruitgang; schade. — to incur a L: een verlies lijden; een klap krijgen. — to entail a 1.: schade berokkenen. — to make a 1. on: verliezen op. — to make good a 1.: eere verlies vergoeden. — to re coup a L: zich van een verlies herstellen. — to recover a 1. from: schade verhalen op. — to sustain a 1. on: verlies lijden op. — at a L: met verlies. — to be at a 1.: niet weten.

lost: ship 1. or not 1.: wat ook den bodem en het ingeladene moge wedervaren.

lot: kaveling; partij. — to sell in one L: in èttn partij verkoopen. — Lmoney: provisie voor den vendumeester.— in I.s = by I.s: bij partijen.

iottery loan: lotenleening. — l.-share: lot (uit een lotenleening).

love: for 1. or money: voor geld of goede woorden.

Sluiten